20-11-2009 Internationale dag van de Rechten van het Kind

In het Verdrag voor de Rechten van het Kind staan 54 artikelen, die in drie categorieën zijn verdeeld: provision (verzorging), protection (bescherming) en participation (recht op deelname, of respect). Het gaat bijvoorbeeld om het recht op onderwijs, gezondheidszorg, en een veilige plek om te wonen en te spelen. Het verdrag garandeert ook de bescherming van kinderen tegen mishandeling, kinderarbeid, de gevolgen van oorlog en seksuele uitbuiting. Daarnaast mogen kinderen gehoord worden over zaken die hen aangaan, ze hebben onder meer recht op een eigen mening en een eigen godsdienst en mogen gebruikmaken van verschillende informatiebronnen. Het verdrag omvat kortom alle terreinen waarop het leven van een kind zich afspeelt.
• Het recht op onderwijs
• Het recht op eigen geloof en cultuur
• Het recht op een naam en een nationaliteit
• Het recht op een eigen mening
• Het recht op een veilig en gezond leven
• Het recht op bescherming tegen kinderarbeid
• Het recht op bescherming tegen mishandeling en geweld
• Het recht op bescherming bij een oorlog
• Het recht op spelen
• Het recht om op te groeien bij familie
• Het recht op veilig drinkwater
• Het recht op goede gezondheidszorg
• Het recht op zorg bij een handicap
• Alle rechten gelden voor alle kinderen over de hele wereld

De rechten in dit verdrag gelden voor álle kinderen, er mag dus geen sprake zijn van discriminatie. Overheden, instanties en volwassenen moeten beslissingen altijd in het belang van het kind nemen. Het overleven van kinderen moet te allen tijde worden gegarandeerd en niets mag hun ontwikkeling in de weg staan.
Viering 20-jarig bestaan
Het verdrag van de Universele Verklaring van de Rechten van het Kind werd op 20 november 1989 aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Inmiddels is het verdrag door 191 van de 193 landen op de wereld ondertekend. De landen verplichten zich hiermee tot het beschermen van de rechten van kinderen in hun land. Ze moeten kinderen ook de kans geven om mee te denken en te praten over dingen die voor hen van belang zijn. Ieder land moet elke vijf jaar rapport uitbrengen aan een speciale commissie in Genève. UNICEF heeft een belangrijke taak bij het toezicht op de naleving van het verdrag.


Kinderrechten in Nederland
Nederland heeft het verdrag in 1995 geratificeerd, zodat ook ons land zich aan de afspraken in het verdrag moet houden. Ook Nederland moet verslag uitbrengen aan de VN-Commissie voor de Rechten van het Kind in Genève. In het rapport van 1997 stond onder andere dat Nederland veel doet aan participatie van kinderen. Kinderen mogen bijvoorbeeld met ministers mee als die belangrijke onderwerpen bespreken op conferenties. Ze mogen dan vertellen wat ze vinden van de voorstellen. De bewindslieden houden hier dan rekening mee. Kinderen spreken ook mee in buurt- of wijkraden. In sommige gemeenten adviseren kinderen burgemeester en wethouders. Ze stellen zaken aan de orde die voor kinderen belangrijk zijn, zoals voldoende ruimte voor sport en ontspanning. Nederland steunt het werk voor kinderrechten in andere landen door het geven van ontwikkelingshulp.
Nederland kiest jaarlijks een jongerenvertegenwoordiger naar de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Voor 2010 is dit Elsa van de Loo.

Bronnen: UNICEF.nl, Beleven.org.